Blog over het werken met klei
Welkom op mijn blog die gaat deze keer over werken met Klei.
Dit is een plek waar klei, verbeelding en verwondering samenkomen. Hier deel ik mijn gedachten, ervaringen en inspiratie rondom keramiek, het werken met klei heeft voor mij altijd een bijzondere plaats gehad. Al van jongs af aan boetseer ik beelden, vormen en objecten. Niet alleen het uiteindelijke werk is voor mij van betekenis, maar juist ook de weg ernaartoe: het zoeken, tasten, experimenteren, opnieuw beginnen en langzaam iets laten ontstaan dat eerst nog geen naam had. vanuit het atelier en verwondering en vanuit een blijvende behoefte om te leren, te maken en te onderzoeken, het maakproces.
Wanneer ik met klei werk, heb ik altijd de muziek aanstaan, dan luister ik graag naar popmuziek, muziek van Mahler en Mikis Theodorakis, dat werkt inspirerend.
Ik begin meestal eerst met het bepalen van wat ik wil maken daar maak ik een bewuste keuze in en heb ik natuurlijk ook van tevoren over nagedacht. Dat kan een vrij werk zijn, maar ook een hoofd, een kom, een schaal of een andere vorm.
En dan ga ik beginnen met experimenteren.
Ik werk ideeën uit in schetsen en soms maak ik ook een klein proefmodel, zodat ik beter kan zien hoe de vorm gaat worden. Ook stook ik eerst verschillende proefjes.
Bij mijn werk heb ik een duidelijke voorkeur voor verschillende soorten en kleuren klei, zoals zwarte, rode en witte klei. Deze klei koop ik op plaatsen in Nederland en Duitsland. Af en toe haal ik ook zelf klei uit de grond. Omdat ik in Tegelen woon, een plaats die van oudsher bekendstaat als kleigebied, voelt dat heel natuurlijk. De klei die ik dan vind, is vaak bijzonder en daar experimenteer ik ook graag mee.
Ik werk ook het liefst met verschillende kleuren pigmenten. Die vind ik soms in Zuid Limburg of ik koop ze vaak in winkels, de pigmenten meng ik soms rechtstreeks door de klei, of ik gebruik ze om Engobes te maken en daar voeg ik b.v. oxides aan toe.
Heb sowieso een sterke voorkeur voor het werken met Engobes, omdat je daar heel creatief mee kunt omgaan. Je kunt ermee schilderen, tekenen, lagen opbouwen en kleuren met elkaar mengen.
Als ik eenmaal weet wat ik wil maken, begin ik met het definitief vormgeven van het object. Tijdens dat proces denk ik ook na over de uitstraling en kleur van het werk. Meestal bepaal ik van tevoren welke kleur het object moet krijgen.
Bij het vormen van de klei gebruik ik een vaak een gasflesje om de klei warm te maken.
Door de warmte wordt de klei op een andere manier bewerkbaar, Daarna werk ik de vorm verder uit, bijvoorbeeld van binnen naar buiten, of juist alleen aan de buitenkant. Daarbij gebruik ik gereedschappen zoals een lat of een deegroller of een houten hamer.. Op die manier kneed en bewerk ik het object net zo lang tot de vorm goed is.
Wanneer de basisvorm klaar is, laat ik het werk bijna helemaal drogen. Daarna bewerk ik het vaak opnieuw. Ik vind het belangrijk om afstand te nemen van mijn werk: daarom zet ik het object soms een paar dagen weg en kijk ik er later opnieuw naar. Dan kan ik beter beoordelen wat er nog moet veranderen of verfijnd kan worden.
Mijn lijfspreuk is dan ook: Houd afstand dat geeft meer zicht.
Als het werk klaar is om gestookt te worden, kies ik een passende stooktemperatuur. Soms krijgt het eerst een biscuit stook op ongeveer 950 graden. In andere gevallen stook ik het direct hoger, vaak rond 1240 graden. Welke temperatuur ik kies, hangt af van de soort klei die ik gebruik en van het resultaat dat ik wil bereiken.
Een goed stookschema is belangrijk. Ik stook liever geleidelijk aan i.p.v. snel dat zorgt voor een beter resultaat en voorkomt blaasvorming, geeft een betere verdichting en sterkte en wat mooiere en gelijkmatiger gladde afwerking.
Zo ontstaat mijn werk stap voor stap: van idee en schets, via experiment met klei, pigment en Engobes, naar vormgeving, droging, herbewerking en uiteindelijk het stoken.
Korte versie in stappen
1.Ik bedenk wat ik wil maken: een vrij werk, hoofd, kom, schaal of andere vorm.
2.Ik maak schetsen en soms een klein proefmodel.
3.Ik kies welke klei ik gebruik, bijvoorbeeld zwarte, rode, witte of zelf gevonden klei.
4.Ik bepaal hoe ik pigmenten / oxides / Engobes wil inzetten.
5.Ik vorm het object en bewerk het met verschillende technieken en gereedschappen.
6.Ik verwarm de klei met een gasflesje om deze anders te kunnen bewerken.
7.Ik laat het werk drogen en bewerk het daarna opnieuw.
8.Ik zet het werk soms een paar dagen weg om er later met afstand naar te kijken.
9.Daarna stook ik het werk op een temperatuur die past bij de klei en het gewenste resultaat.
Tenslotte:
In mijn portofolio ga ik een zoektocht starten naar wat ik ook in mijn biografie beschreven heb.
Namelijk dat ik graag werk met klei maar dat ik mij ook bezig houd, met beeldhouwkunst, fotografie en abstracte kunst. Hoe deze disciplines elkaar raken, versterken en nieuwe manieren van kijken ontstaan. Wat ik in de ene kunstvorm ontdek, werkt door in de andere. Zo ontstaat er een voortdurende wisselwerking tussen materiaal, vorm, lijn, textuur.
Maar ik word natuurlijk ook geïnspireerd en beïnvloed door de wereld om me heen, de reizen die we gemaakt hebben en nog steeds maken en door bezoek aan musea en kunstenaars, door muziek, en filosofie.
Kunst brengt mij rust en structuur, maar ook beweging, verdieping en verbinding





